de wereld

Dit is het archief voor de categorie de wereld.

Soms heb je pech en word je toch vrolijk.

Ik reed op mijn motor door de Schipholtunnel, iets te hard vond ikzelf dus ik ging naar de rechterbaan om wat langzamer te rijden. Op dat moment haalde een auto me in en ging voor me rijden. De bestuurder van de auto was heftig aan het zwaaien. ‘Heb ik iets fout gedaan?’ vroeg ik me af, ‘vond hij dat ik op de verkeerde manier voor hem ben ingevoegd?’ Ik wist het niet en besloot me niet zo veel van de man aan te trekken.

Tot ongeveer vijf seconden later.

Ik was net de Schipholtunnel uitgereden, toen mijn motor vreemd begon te doen. ‘Zou hij me ergens voor hebben willen waarschuwen?’ dacht ik. Het lastige was dat er een tweebaans uitvoegstrook rechts van me was, waar ik niets te zoeken had. Maar pas rechts van die uitvoegstrook was een vluchtstrook. Door het zwaaien van de man en het sputteren van mijn motor, besloot ik toch naar rechts uit te wijken en de vluchtstrook te pakken. Net op tijd, want toen ik op de vluchtstrook stond, was de motor met geen stok meer vooruit te krijgen.

Even de pechdienst bellen, dacht ik. O nee, dacht ik, mijn telefoon is leeg. O jee, dacht ik, dat wordt een lastig verhaal.

Ik probeerde de batterij in mijn telefoon nieuw leven in te blazen door ‘m op te warmen in mijn handen. Helaas: dat werkte niet. Conclusie: ik móest iemand met een telefoon vinden.

Dus ik liet mijn motor achter en klom over de vangrail. Ik stond vlak bij Schiphol, en liep naar de uitgang van een parkeerplaats. De eerste auto die ik gebaarde, stopte. Een in het blauw geklede stewardess draaide haar raampje open.

Ik legde de situatie uit en mocht haar telefoon lenen. Dat klinkt kort maar in totaal duurde het ongeveer een kwartier voordat ik iemand van de juiste pechdienst aan de lijn had. Toen alles geregeld was, zei ze: ‘Als je straks nog een telefoon nodig hebt, moet je maar weer hier vragen, want dit is de parkeerplaats voor de stewards en stewardessen, en die zijn meestal wel hulpvaardig’. Of dat zo is, weet ik niet, maar voor haar gold dat zeker wel.

Nog een kwartier later was de pechdienst er en werd de motor naar de garage vervoerd.

Dankjewel, automobilist voor het zwaaien en dankjewel, stewardess, voor het lenen van je telefoon! En natuurlijk dankjewel motor, dat je besloot om pas ná de Schipholtunnel kapot te gaan!

Het was een prachtig zonnige dag. We liepen door het park, een merel zat ons vanaf een takje nieuwsgierig aan te kijken. Het rook zomers, ook al was het pas half april. We hadden een paar biertjes bij ons, en een kleedje om op te zitten. Veel perfecter kon het niet.

Hij was niet tevreden op z’n werk. Hij werkte bij een klein bedrijf, met tien anderen. Omdat hij een van de weinigen was die bereid was om de handen uit de mouwen te steken, kreeg hij veel verantwoordelijkheid. Maar daar kreeg hij geen erkenning en vertrouwen voor terug. Daarnaast werken de andere collega’s niet echt lekker mee.

‘Ik moet de hele tijd de telefoon opnemen,’ zei hij. ‘En dan kom ik aan mijn eigen werk niet toe. Er is een andere collega die ook af en toe de telefoon zou kunnen opnemen, maar die gaat de hele tijd naar het magazijn en is dan een uur weg. Ik kan een dag lang bezig zijn met alleen maar telefoneren, terwijl ik ook nog andere dingen te doen heb.’

‘Maar zeg je daar dan iets van?’ vroeg ik.

‘Nee, want dan zegt hij dat hij ook vaak genoeg de telefoon aanneemt. En dan laat hij doorschemeren dat hij vindt dat ik juist degene ben die minder hard werkt dan hij.’

Een kraai liep om ons heen, en at de chipjes op die wat mensen hadden achtergelaten. Hij hield ons argwanend in de gaten, met z’n zwarte kraaloogjes. Het was een mooie vogel, met een stralend zwart verendek. En groot!

‘Dat is slim van hem,’ zei ik. ‘Maar nog knapper is, dat hij het voor elkaar krijgt dat jij je er iets van aantrekt. Waarom lukt dat?’

Hij keek even voor zich uit, toen keek hij naar mij. ‘Kennelijk vind ik het toch belangrijk wat hij van me vindt.’

Tsja. Al dat indirecte gedoe op de werkvloer, en erbuiten. Al dat geroddel, al die gedachten over elkaar. Wat een terreur. En wat een verademing als er iemand is die daar niet aan doet. Die gewoon zegt wat ‘ie denkt. Als een oase in een woestenij van meningen over collega’s, en meningen over meningen, en allianties tussen deze en gene.

‘Ik zal het er een keer met hem over hebben.’

Een paar dagen geleden besloot ik mijn herinneringen uit de basisschooltijd eens op papier te zetten. Mijn vroegste herinnering is een droom die ik had toen ik ongeveer drie jaar oud was. En mijn laatste basisschoolherinnering is het spelen van verstoppertje op de laatste schooldag. Maar die negen jaar daartussen, wat is daar nog van overgebleven? Afgezien van het feit dat ik ‘gevormd’ ben in die tijd, vroeg ik me af wat ik me daar nog actief van kan herinneren.

In eerste instantie niet zo veel, leek het. Maar toen ik eenmaal bezig was, zette de ene herinnering de volgende weer in gang. En ik merkte dat het hielp om de herinneringen te categoriseren naar ‘periode’. Ik ben als kind aardig vaak verhuisd, en bij bepaalde huizen had ik bepaalde herinneringen en associaties.

Toen rees bij mij de vraag: waarom kan ik me bepaalde gebeurtenissen wel, en andere niet herinneren? Waarom kan ik me dat jongetje op een Franse camping nog wel herinneren? En de meeste van mijn klasgenootjes, waar ik toch beduidend meer tijd mee heb doorgebracht, niet meer?

Het lijkt te maken te hebben met dagelijkse routine versus ‘bijzondere’ gebeurtenissen. Vakanties kan ik me beter herinneren, omdat de dagelijkse routine werd doorbroken en er bijzondere dingen gebeurden. Alles wat dag na dag hetzelfde was, wordt automatisch op de grote hoop geveegd.

En kattekwaad, dat kan ik me ook nog goed herinneren. Ook vanwege de spanning en de intensiteit waarschijnlijk. Het uit bed kruipen om snoepjes te pakken toen ik vier was. Het stelen van een blikje fris toen ik acht was. Hm, dat was zo’n beetje alle kattekwaad.

Verder zijn er ook dingen waarvan je denkt dat je ze herinnert, maar die je in werkelijkheid op foto’s hebt gezien. Sinterklaas met m’n nichtjes, en m’n oom verkleed als clown in Engeland. Sleeën in de winter. Allemaal beelden van foto’s, die ik pas jaren later in mijn geheugen heb opgeslagen.

Interessante materie. Wat kun jij je nog van vroeger herinneren?

Tags: , ,

Het was een mooie, zonnige dag op Bali. Ik was vroeg opgestaan en was meegereden met een pickup-truck die me naar het begin van het pad had gebracht. Gewapend met een camera, een paraplu en een grote hoeveelheid pennen begon ik aan de wandeling rond het meer.

Het was nog koel, maar de zon scheen al enthousiast over de bergkam. De mist trok langzaam op.

Schoolkinderen kwamen me tegemoet gelopen. Ik had – op aanraden van mijn reisboek – pennen ingeslagen en zag nu mijn kans schoon ze uit te delen. Tot grote vreugde en consternatie van de kinderen. Ze leken met behulp van een bovennatuurlijk communicatiesysteem hun klasgenoten in te seinen, want als snel was ik omringd door meer kinderen dan ik pennen had, helaas.

Ik liep weer verder en de kinderen gingen huns weegs. Een aangenaam pad cirkelde omhoog. De bosvliegen werden ook steeds actiever, een constant gezoem vulde de lucht.

Ik naderde de top en zag daar wat schattige, kleine aapjes zitten. ‘Wat leuk,’ dacht ik, ‘lieve kleine aapjes’.

‘Hallo apies,’ groette ik. Ze keken me nieuwsgierig aan. Ik zag ze denken, ‘zou deze meneer een lekker hapje bij zich hebben?’

Het bleef niet bij die gedachte. Ze kwamen langzaam dichterbij, en leken in aantal en in brutaliteit te groeien. Ze wezen met hun armpjes naar mijn rugzakje, alsof ze wilden zeggen: ‘Daar zit vast iets lekkers voor ons in!’

Hoe dichterbij ze kwamen, hoe minder schattig ze werden. Het was ze inmiddels duidelijk geworden dat ik ze geen eten ging geven. Dus kwamen ze het halen.

Toen ze met z’n veertigen op vijf meter afstand stonden, voelde ik mijn hart in m’n keel kloppen. ‘Rustig blijven,’ dacht ik, ‘ze ruiken angst!’

Ik liep achteruit het pad op, zonder ze uit het zicht te verliezen. Maar nog steeds kwamen ze dichterbij.

Toen dacht ik aan de paraplu die ik mee had genomen. Ik prikte in de richting van de brutaalste aap.

Dit bevestigde hun vermoeden dat ik iets bij me had dat het verdedigen waard was. De halve kring apen sloot zich langzaam.

Prikken hielp dus niet. Als laatste redmiddel klapte ik de felgekleurde paraplu uit. De opperaap schrok, en zijn roversvriendjes ook. Mooi.

Al klapperend liep ik achteruit. De aapjes hadden al besloten dat deze beroving te riskant was geworden en ze lieten me gaan.

Ik zuchtte even diep en liep weer verder. Dag schattige aapjes!

Tags: , ,

Hier in het westen hebben we vooral aandacht voor de uitwassen van het islamitische geloof. Meestal gaat het dan niet eens om werkelijk islamitische regels, maar om lokale culturele verschijnselen die zeker niet overal in de islamitische landen gangbaar zijn (zoals besnijdenis of het ombrengen van ongelovigen).

Hier in Nederland is Wilders vol van de islam als ‘agressieve’ godsdienst. Dat staaft hij bijvoorbeeld met het feit dat er relatief veel Marokkanen in de gevangenis zitten. Dat het hier ook om een cultureel verschijnsel zou kunnen gaan (hoeveel Indonesische moslims zitten er in Nederland in de gevangenis?), daar gaat hij aan voorbij.

Waar minder aandacht voor is, zijn de positieve bijverschijnselen van de regels van de islam. Zo mogen moslims niet drinken. Met oud en nieuw zijn het dan ook meestal geen moslims die problemen veroorzaken, maar gezonde Hollandse jongens en meisjes die ladderzat tegen de politie en ambulancepersoneel tekeer gaan.

En wat te denken van het aantal verkeersdoden en -gewonden, die jaarlijks voorkomen worden omdat moslims niet drinken? Hoeveel doden en gewonden er jaarlijks vallen door alcohol in het verkeer is niet precies bekend, maar het gaat om minstens 43 doden in 2007.

En moslims mogen ook niet gokken. Een gelovige moslim zal dus niet verslaafd aan gokken worden, en geen hulp nodig hebben om van die verslaving af te komen.

Maar beter nog: speculeren en risicovol beleggen worden ook gezien als gokken en zijn dus uit den boze.

Dus met islamitisch financieren geen kredietcrisis!

Tags: , ,

« Oudere stukjes